Het kabinet stelt in het coalitieakkoord voor een brede suikerbelasting in te voeren op voorverpakte voedingsmiddelen met minimaal 6% suiker. Deze maatregel moet bijdragen aan het terugdringen van overgewicht en tegelijkertijd jaarlijks circa 850 miljoen euro opleveren voor de staatskas.
Een voorgenomen brede suikerbelasting raakt ook bakkerijproducten, zoals (diepvries)slagroomtaart, klein gebak, verjaardagstaarten maar ook volkoren krentenbrood en -bollen, producten die in de Schijf van Vijf staan.
De Nederlandse Vereniging voor de Bakkerij (NVB) deelt de maatschappelijke zorgen over overgewicht, maar is tegen de invoering van een brede suikerbelasting. De maatregel is ingrijpend, onvoldoende onderbouwd, oneerlijk en leidt tot ongewenste neveneffecten voor zowel consumenten als bedrijven.
Standpunt NVB:
De NVB is tegen de invoering van een brede suikerbelasting zoals voorgesteld. Wij verzoeken de Tweede Kamercommissie Preventie nadrukkelijk om bij verdere besluitvorming de hieronder uiteengezette argumenten mee te nemen.
Argumenten:
- De bakkerijsector draagt al actief bij aan gezondheidsbevordering
De Nederlandse industriële bakkerijsector verenigd in de NVB werkt al jaren aan productverbetering en reductie van zout, suiker en vet waar dit technologisch en wettelijk mogelijk is. Zo speelt de NVB een centrale rol bij zoutverlaging in brood. Er is een nieuw type Bakkerszout 2.0 in ontwikkeling, na eerdere succesvolle verlagingen van meer dan 25% in tien jaar tijd. Daarnaast werkt NVB actief aan productverbetering van taart en gebak in het kader van de Nationale Aanpak Productverbetering (NAPV). Zodat er, waar mogelijk, een meer verantwoord aanbod van genietproducten beschikbaar komt.
NVB is van mening dat de bakkerijsector al aantoonbaar beweegt in de gewenste richting. Een extra belasting is disproportioneel en niet effectief.
- De maatregel creëert een ongelijk speelveld
De voorgestelde belasting geldt alleen voor **voorverpakte** producten. Hierdoor ontstaat een scheve situatie. Bijvoorbeeld:
Een gevulde koek in de supermarkt (voorverpakt) wordt belast. Terwijl een identieke gevulde koek bij een ‘on the go locatie’ (niet voorverpakt) of ander verkooppunt níet wordt belast.
Op deze manier is er sprake van een ongelijk speelveld tussen de verschillende verkoopkanalen van dezelfde producten. De belasting straft bedrijven op basis van verpakkingsvorm en verkoopkanaal, niet op basis van productinhoud.
- De maatregel leidt tot verwarring bij consumenten
De belasting is tegenstrijdig aan bestaande voedingsvoorlichting. Zo valt een volkoren krentenbrood (16,5% suiker) onder de belasting, terwijl dit product in de Schijf van Vijf staat en volkoren bewezen gezondheidswaarde heeft. Een product kan niet tegelijkertijd als gezond worden geadviseerd en als ongezond worden belast.
Verlaging van het suikergehalte in rozijnenbrood is bovendien niet mogelijk en onwenselijk, omdat bij wet is vastgelegd dat in een rozijnenbrood tenminste 30% rozijnen zit (waar de natuurlijke suikers inzitten).
- Twijfel aan effectiviteit; verlaging van overgewicht
Een dergelijke zware maatregel moet volgens NVB op zijn minst bewezen effectief zijn voor de volksgezondheid. Er is vooralsnog geen enkel sluitend wetenschappelijk bewijs voor de effectiviteit van een brede suikerbelasting op het verminderen van overgewicht en obesitas. Cijfers laten zien dat de inname van suikers al gedaald is afgelopen jaren (-20,7% volgens VCP 2019-2021 t.o.v. VCP 2007-2010), terwijl het aantal volwassenen met overgewicht is gestegen (44,8% in 2007 tot 49,6% in 2021).
- Aanzienlijke kosten voor consument en bedrijfsleven
De brede suikerbelasting geeft negatieve bijeffecten waaronder:
- Hogere prijzen voor consumenten, waaronder minder koopkrachtige huishoudens; volgens RaboResearch1 krijgt ongeveer een vijfde van het huidige supermarktassortiment te maken met de brede suikerbelasting en verhoogt de maatregel de voedingsprijsinflatie met minstens 2 procentpunt;
- Extra administratieve lasten voor bedrijven;
- Marktverstoring doordat consumenten worden gestuurd naar niet-belaste verkoopkanalen.
- Aanvullende zorgen
- Er is geen heldere definitie van “suiker”: gaat het om totaal suiker, toegevoegd suiker, of natuurlijke suikers? Dit maakt handhaving complex.
- Ook de technische uitwerking is onduidelijk, zoals een tarief, productielijst en eventuele staffels.
Eindoordeel NVB:
De NVB vraagt beleidsmakers om bij de verdere besluitvorming over de brede suikerbelasting nadrukkelijk rekening te houden met:
- de reeds geleverde en lopende inspanningen van de bakkerijsector;
- het ontbreken van een gelijk speelveld;
- de verwarring die ontstaat doordat de maatregel niet aansluit bij voedingsvoorlichting;
- de financiële en administratieve lasten voor consumenten en bedrijven.
Hierdoor is een brede suikerbelasting niet in te voeren.
In plaats van een brede suikerbelasting dient naar onze mening ingezet te worden op verdere preventie en leefstijlinterventies, verdere productverbetering en verkleining van portiegroottes. Een ontwikkeling waar binnen de NAPV al stappen voor zijn gezet en worden ondernomen door onze leden.













